Projecten
Dit nogal onderkomen pand heeft een nieuwe inrichting met een winkel en een zelfstandige bovenwoning gekregen. Gelet op de bijzonder locatie en de beschikbaarheid van een goede fot is nog onderzocht of de vroeger aanwezige trapgevel gereconstrueerd kon worden. Toen bleek dat er toch te veel vernieuwd en gewijzigd was is daar van afgezien.
De bestaande voorgevelpui is vervangen door een nieuwe met houten omlijstingen, nog af te werken met een marmerimitatie van Rosso Veronese. De in Kremerstraat 18 vrijgekomen art-deco ornamenten en de teakhouten winkeldeuren zijn hierin opnieuw verwerkt. De plint is uitgevoerd in hardsteen. Op de eerste verdieping zijn empireramen teruggebracht, op de tweede verdieping zijn die behouden. In de zijgevel zijn drie analoge etalagevensters gemaakt in het voorhuis. In het (hogere) achterhuis is een empirevenster gereconstrueerd en is tevens de bovenhuisdeur gemaakt.
bouwhistorie
Van het voorhuis heeft de kelder in het voorste gedeelte een tongewelf. Het achterste gedeelte heeft dat wellicht ook gehad, doch is hier in de 18de eeuw een balkenzoldering boven een kelderkeuken voor in de plaats gekomen. In de 20ste eeuw is deze zoldering vervangen door een betonplaat. Van moer- en kinderbalkenzolderingen boven de parterre en 1ste verdieping resten alleen de zwaar geschonden moerbalken. Boven de parterre zijn die zelfs doorgezaagd t.b.v. een staalconstructie. Op de eerste verdieping is er in oorsprong een houtskelet geweest. Er resteert nog één sleutelstuk, waarvan helaas juist het profiel verwijderd is.
Onder het achterhuis is een kelder met tongewelf intact. Merkwaardig is een gemetselde afschuining, die op een ovenrestant lijkt. De verdiepingsbalklaag van moer- en kinderbalken is hier goed bewaard. De moerbalk ligt evenwijdig met de straat en vertoont bij de dwarsmuur pengaten van een stijl en korbeel. De sleutelstukken zijn helaas weg. Tegen de zuidwand is er een restant van een gewelf t.b.v. de stookvloer van een haard erboven. De zolderbalklaag is eind 19de eeuw vernieuwd en ligt ca. 80 hoger dan de oorspronkelijke, die correspondeerde met die in het voorhuis. Tegen de zuidwand staat er een 19de eeuwse schouw, die door een gewelf steekt t.b.v. een stookplaats op het zolderniveau. Het huis lijkt dus vroeger nog een verdieping geteld te hebben. Links ervan is er een opmerkelijke overkraging op muurboogjes. De achtergrond ervan zou kunnen zijn, dat dit achterhuis met een muur op eigen grond verhoogd is, dus zonder op een met nr. 26 gemene muur te bouwen. Later is blijkbaar dit muurgedeelte weer gemeenschappelijk geworden.
De kap is rond 1900 vernieuwd. Gelijktijdig is toen ook de zijgevel verhoogd. Wellicht gebeurde dat gelijk met het vervangen van een trapgevel. Het gedeelte ter plaatse van de eerste verdieping bleef bewaard terwijl het bovengedeelte vernieuwd werd als lijstgevel met twee zoldervensters. Toen moeten de gevels ook gepleisterd zijn.
De voorgevel had blijkens een fraaie foto vóór 1900 een trapgevel, op de parterre een symmetrische houten pui, op de verdieping twee vensters met wellicht empirevensters en op de zolderverdieping één venster. De nieuwe vensters op de zolderverdieping kregen de nu nog bestaande empirevensters, wellicht in analogie naar de verdiepingsvensters. Later werden de verdiepingsvensters vervangen door T-vensters, mogelijk gelijktijdig met de wijziging van de winkelpui. Die bestond toen uit een deur met aan weerszijden een etalage, asymmetrisch in de gevel geplaatst. Rechts ervan stond er toen nog een venster van een zijkamer. In de zijgevel was er een overeenkomstig etalageraam met daarachter drie vensters met empireramen. De bovengevel bezat toen het nu nog bestaande 4-ruits empireraam en achterwaarts de twee bestaande kozijnen met zesruits ramen.
Neem gerust contact met ons op voor meer informatie over de mogelijkheden van winkel restauratie.

